Voor hoofdpagina  klik:      hier                                       

                                              

schacht 2 

Foto’s  Frank Glaubitz

Gladbeck-Zweckel  ( Mijn Zweckel )

CUVELEtte ~1Lorr

Houllieres Bassin de Lorraine  (Mijn Cuvelette 1)

 

 

Mijnmeters                                               Versie 8-6-2005  (Wordt verder uitgewerkt)

Dit is een van de belangrijkste onderwerpen daarom raadpleeg ook deze belangrijke site   HollandseCirkel

Interessante site over het in stand houden van oude meettechnieken         Het Leege Land: re-enacten van de Nederlandse landmeetgeschiedenis     

 

Dan een scala van meetinstrumenten  (zie bij collectie Geodesie)  Techniek Museum Delft      

 

Hängekompas          

Wim

De mijnmeet hangkompassen (zie link:   wiki/Hängekompass) *in het Duits

Hängekompass* en ook de Wim,

mijnbouw geologen kompassen hebben allemaal een

tegengestelde O - W weergave. Het hangkompas werd aan een touw gehangen dat

tussen twee polygoon punten gespannen was. Door de tegengestelde weergave

kan direct de richting rechts ten opzichte van het noorden afgelezen worden

bij de punt van de kompasnaald. Met dit azimuth en de gemeten afstand

kunnen de coordinaten van het volgende meetpunt berekend worden. Het kompas

op de afbeeldin is zeer waarschijnlijk een geologen inzet-kompas, dit

kompas kon in een  rechthoekige houder/plaat gezet worden waar door het ook

opgehangen, of  langs de strijklijn van een breuk gehouden kon worden.

 

Mijnmeet hangkompassen van het merk Freiberg zijn nog steeds nieuw te

krijgen voor ongeveer € 1000. Zelf heb ik recent nog een schitterend nieuw

Chinees hangkompas bestellen voor €50.

Door het toenemend gebruik van ijzer in de mijnen raakte het hangkompas

voor veelhoeks metingen in onbruik en werden de theodolieten meer en meer

ingezet. Even Googlen op* Hängekompass* geeft veel informatie:

de.wikipedia.org/wiki/Hängekompass

<http://de.wikipedia.org/wiki/H%C3%A4ngekompass>

 

groet Jac Diederen

 

Scan

 

ChineesScan kopie

 

Scan 1

 

Scan 1 kopie     

Wim,

 

De mijnmeet hangkompassen (zie link:   wiki/Hängekompass) *in het Duits

Hängekompass* en ook de mijnbouw geologen kompassen hebben allemaal een

tegengestelde O - W weergave. Het hangkompas werd aan een touw gehangen dat

tussen twee polygoon punten gespannen was. Door de tegengestelde weergave

kan direct de richting rechts ten opzichte van het noorden afgelezen worden

bij de punt van de kompasnaald. Met dit azimuth en de gemeten afstand

kunnen de coordinaten van het volgende meetpunt berekend worden. Het kompas

op de afbeeldin is zeer waarschijnlijk een geologen inzet-kompas, dit

kompas kon in een  rechthoekige houder/plaat gezet worden waar door het ook

opgehangen, of  langs de strijklijn van een breuk gehouden kon worden.

 

Mijnmeet hangkompassen van het merk Freiberg zijn nog steeds nieuw te

krijgen voor ongeveer € 1000. Zelf heb ik recent nog een schitterend nieuw

Chinees hangkompas bestellen voor €50.

Door het toenemend gebruik van ijzer in de mijnen raakte het hangkompas

voor veelhoeks metingen in onbruik en werden de theodolieten meer en meer

ingezet. Even Googlen op* Hängekompass* geeft veel informatie:

de.wikipedia.org/wiki/Hängekompass

<http://de.wikipedia.org/wiki/H%C3%A4ngekompass>

 

groet Jac Diederen

 

Meetketting

Opmerking: Toen er alleen nog gebruik werd gemaakt van hout in de mijnbouw werden de metingen verricht met kompas en meetkettingen.

Zie boven bij “Techniek Museum Delft” artikelnummer 2000137, 2000138 en 2000861).

De meetketting werd vroeger gebruikt door de landmeter als hulpmiddel om afstanden te meten. Dit gebeurde door 2 personen.

De 10 meter lange metrische ketting bestaat uit 50 schakels van 20 centimeter .Om de vijf  schakels bevindt zich een genummerde ring.

De 20 meter lange metrische ketting bestaat uit 100 schakels . Ook hier bevindt zich een genummerde ring om de vijf schakels.

 meetketting

Foto Raymond Uppelschoten  (het Leege Land )

 

 

 

                                                                       photo 1002 

2 structuurhamers, libel, 30 meterband

 

U kunt deze groep vergelijken met het kadaster bovengronds.

Deze voeren de metingen uit.

 

Theodoliet

De metingen geschieden met theodoliet instrumenten.

Dit wil zeggen hoekmetingen.

De randverdeling van Europese theodolieten is 400 graden (gon)  en is ingevoerd door de Fransen (Napoleon) te gelijkertijd met de meter.

In principe was één meter 1/1000000 deel van de kwart van de omtrek van de aarde.

 

Over de 400 graden en de 360 graden bij het meten.

Tot in 1959-1960 werd ondergronds gemeten met het 360 graden systeem. Iedere week ging een  van onze mijnmeters afdeling een instrument naar de instrumentenfabriek De Koning in Arnhem waar dan de randverdeling (horizontale en vertikale)in 400 graden werd veranderd. ( IN HET JARGON ZIJN HIER VREEMDE NAMEN VOOR)

Omdat ik ook een adspirant. land meters cursus en landmeten bij PBNA in Arnhem gevolgd en gehaald had, was dit voor mij niet zo vreemd.

Want in de landmeterij werd de 400 graden wel gebruikt.

Nu even het hoe en waarom: De computer is hier debet aan. Wij kregen allen (de bazen van groot tot klein van de Staatsmijnen) een excursie naar het computercentrum DSM in Heerlen. Hier lieten ze ons zien dat alle berekeningen met ons 360 gradensysteem die we zelf maakten,door deze computer sneller en foutloos gemaakt werden. Deze computer, minder als waar ik nu voor zit, was wel tien meter lang!!!

Onze metingen werden nu gedeeltelijk en later jaar geheel gemaakt voor het 400 graden-systeem.

We kregen in plaats van het grote boek in lederen kaft, een stapel ponskaarten mee naar ondergronds. Hier werden de hoeken die je mat met een gemagnetiseerd  potlood, aangekruist. Dat ging dan naar Heerlen waar een ponsmachine gaatjes prikte op de gemagnetiseerde kruisjes van die kaarten wat op grote computervellen werd overgenomen in die machine en 10 meter verder als berekening eruit kwam rollen. Nu kon een kind de was doen, begrijp je wel. Voor ons was een beetje van de lol eraf, minder werk, meer mensen weg.

In het begin moesten wel de berekeningen nog vaak naar elkaar over gerekend worden.

Dus van oud naar nieuw: bijv. 50 gr oud werd 400/360 x 50 in het nieuwe systeem.

Van nieuw naar oud (vele oude metingen die je vergelijken moest en nodig had): bijv.80 gr nieuw werd  360/400 OUD.

Oud graden werden met een nulletje, minuten met een streepje en seconden met twee streepjes aan gegeven weet je wel.

Nieuwe graden met een g, minuten met een c en seconde met cc achter de gemeten waarden.

Hub Bevk

 

Men kan er ook mee waterpassen.

Aan de hand van te voren afgesproken werkzaamheden plaatsen zij de richting en hoogtepunten.

Hoogtepunten zijn bouten die in de wand worden aangebracht en het NAP ( Normaal Amsterdams Peil ) geeft aan op welke diepte men zich bevindt.

Na controle tussen 1875 en 1885 is het Amsterdamse Peil gemiddeld, en dat wil zeggen genormaliseerd).

Op de stijlen worden punten geverfd (zie liggende K)  en dat is de moetlijn.

                                                                       Img0607* Auteursrecht DSM (met dank voor het mogen plaatsen)

                                                                       Waterpassen hoofd steengang Stm Wilhelmina,man links naast de meter is Piet Gadaen)

 

Deze dienen als richtpunt hoe het spoor moet worden gelegd.

Zij houden ook de voortgang van de werkzaamheden bij.

De metingen beginnen bovengronds en men laat 2 kabels naar beneden die verzwaard zijn met loden.

De loden waren stangen die verzwaard werden met schijven die aan een kant een opening bevatten zodat deze om de stang werden geschoven.

Massieve loden zouden door hun gewicht niet te tillen zijn.

Om het slingeren in de schacht te voorkomen zet men op de bodem tonnen gevuld met olie waar deze loden vrijhangen.

De kabels worden aangemeten en ondergronds zet men de metingen voort.

Vanuit het middelpunt van de schacht (nulpunt) worden in de gangen 10 meter tekens geverfd.

De vaste meetpunten ondergronds noemt men  theodolietpunten.

Het enige vaste punt op aarde is de poolster.

Die staat in het verlengde van de aardas.

Door hoekmetingen worden vaste punten op aarde vastgelegd en regelmatig gecontroleerd.

Van daar uit zet men de metingen voort.

Ondergronds worden 50 meterbanden voor de hoofdmetingen aangewend.

Ook wordt een thermometer meegenomen omdat de temperatuur ondergronds hoog is en de banden kunnen uitzetten wat leidt tot afwijkingen in de lengte.

Tevens wordt het band met een krachtmeter aangetrokken.

Voor kleinere metingen is het 30 meterband in gebruik.

Schachtmeetbanden zijn 300 meter lang.

Ook worden structuurmetingen gedaan

 

storingen

 

Voor waterpassingen wordt gebruik gemaakt van waterpasinstrumenten, baak en libel.

De libel om het hoogtepunt over te halen naar de rails.

En van daaruit wordt de meting verder voortgezet.

De gradenboog voor het bepalen van strijken en invallen.

Op de kaartenkamer (bovengronds) wordt alles ingetekend en vastgelegd.

 

In steengangen werden vroeger ook om het spoor 1 op de 300 meter te leggen latten gebruikt.

Men nam een lat van 3 meter lang en aan het einde was die 1 centimeter korter.

 

De lat wordt op de rail gelegd en de libel op de bovenkant van de lat.

Door met het spoor zo te manoeuvreren dat de libel waterpas aangeeft ligt de rail goed.

 

Ook werd natuurlijk de duimstok gebruikt.

Ik heb een tijd de richting in de pijler moeten handhaven.

Om te voorkomen dat ik de duimstok tijdens het  kruipen of tijgersluipgang  zou verliezen ,had ik deze in een touwtje om de nek hangen.

Hoe nauwkeurig de metingen waren blijkt uit hun wapenfeiten.

Een steengang en er waren er meer die verbinding met elkaar moesten krijgen (bijvoorbeeld  een ploeg werkte vanuit de Staatsmijn Maurits en de ander vanuit de Staatsmijn  Emma  totaal 12 kilometer) sloten op enkele centimeters nauwkeurig op elkaar aan.

 

Er werd ook gelachen. Hier wordt chef de La Boet (Zef Marell  Nuth) opgemaakt door de schrijver. Dit om deze statiefoto te maken. Wij verwachten hoog bezoek. ( Namelijk de Kiebelmajoor)

KoelLuuj 

 

Vooraf

In de ondergrondse werken van een mijn worden vele soorten galerijen gedreven die moeten beantwoorden aan verschillende doelstellingen.

Steengangen en steengalerijen

Grond en tussengalerijen

Af- en toevoergalerijen

Deel en luchtgalerijen

Deze worden gedreven om een bepaald punt bereikbaar te maken.

Verder dienen deze als transportwegen van materiaal kolen en als luchtwegen.

 

Richting

Om een galerij te drijven maakt men gebruik van een richting.Men zegt dan de galerij wordt op richting gedreven.

De richting wordt door de mijnmeters gehangen.De opzichter dient de richting te controleren en er voor te zorgen dat van deze “kloppende “richting gebruik wordt gemaakt.

Het corrigeren van afwijkingen in de plaatsing van een galerijondersteuning is tijdrovend, kostbaar, en omwille van vervoer met transportbanden praktisch altijd noodzakelijk

De opzichter moet zelf de richting kunnen voorhangen, omhangen en zelf een algemene richting kunnen hangen.

 

Wat is een richting

Een richting wordt gehangen met 3 looddraden,welke een plat verticaal vlak vormen.

Dus: 3 richtingsnoeren hangen in 1 lijn.

 

Richting controleren.

De richting controleren betekent dat wordt nagegaan of in de originele situatie van de richtingsnoeren een verandering heeft plaats gehad.

 

De richting klopt

Er heeft geen verandering plaatsgevonden en de richting is geschikt om verder te gebruiken.

 

De richting doortrekken

Dat wil zeggen dat men een rechte verbindingslijn van de richting verlengt tot aan het front van de galerij (laatste kap) om de kappen op richting te leggen.

 

De richting voorhangen

Van de bestaande goede richting legt men nu 3 richtingspunten naar voren welke dan als richtingspunten worden gebruikt voor het verder drijven van de galerij.

 

De richting omhangen

Is door dat er een obstakel is de bestaande richting niet te gebruiken dan hangt men deze evenwijdig om.(Dus men legt (tijdelijk) een nieuwe richting.

 

Algemene richting hangen

Uitgaande  van het bestaande bouwwerk van een galerij hangt men een richting welke verder drijven van een galerij in dezelfde richting, in het verlengde van de bestaande galerij, mogelijk maakt.,

 

Methoden voor het aanbrengen van richtingspunten

Voor het hangen van een richting kiest men, ter bevestiging van de looddraden (touw), al naar gelang de omstandigheden dit toe laten , een van de volgende methoden.

a. bevestiging aan houten pluggen.deze worden gedreven in 10-15 centimeter diepe gaten, die in het dakgesteente zijn geboord. Deze methode kan alleen worden toegepast als er sprake is van goed dakgesteente, daarbij verkrijgt men de grote stabiliteit van de richting.

b. bevestiging aan houten blokken welke worden gedreven tussen de onder en bovenflens van de kappen.Deze methode is in zwang als de kwaliteit van het dakgesteente in verband met de slechte kwaliteit de methode onder punt a niet toe .

Men gebruikt daarvoor goede bouwen en er mogen nimmer motoren,monorails en dergelijken aan worden bevestigd.

c.Bevestiging aan schoren welke tussen de kappen worden gedreven. Deze methode moet voornamelijk worden gebruikt bij het uitzetten van een galerij rechthoekig op een bestaande galerij,waarbij de richting evenwijdig aan de richting van de kappen moet worden gehangen en ingevolge de kwaliteit van het dakgesteente de onder punt a. genoemde methode niet kan worden toegepast.

Drijft men een derde schoor, dan mogen de eerste twee schoren niet los komen te zitten.

In het algemeen kan deze methode alleen worden gebruikt ten behoeve van het hangen van een voorlopige richting. Dit betekent dat met een dergelijke richting slecht 10 tot 20 meter galerij mag worden gedreven. Hierna moet in deze nieuwe galerij een definitieve richting aan pluggen of blokken worden gehangen.

diploma 2

Aan welke voorwaarden moet een richting voldoen?

a.de richting moet altijd aan dak of goede bouwen worden aangebracht.Er mag in de onderlinge situatie van de looddraden geen verandering komen.

De loden zijn van dun touw (geen schietdraad) en moeten met een lus achter de kop van een spijker hangen.Het geschikt formaat spijker is 2,5”, die nagenoeg geheel in de plug of blok wordt geslagen. Het inslaan van de spijker moet in de richting van de looddraden gebeuren.

Bij het boren van de gaten moet daar rekening mee worden gehouden.De looddraden moeten centrisch en niet te zwaar worden belast. Wij hingen er ook stenen in. Wel moeten de draden altijd stil hangen.

Dit is soms moeilijk in verband met de luchtstroming.

b. de richting moet nauwkeurig zijn en perfect kunnen worden doorgetrokken.

De loden moeten op geruime afstand worden gehangen. Hoe korter bij elkaar hoe meer fouten men kan maken.

c. hang de richting altijd op een geschikte plaats zodat het doortrekken naar het front altijd mogelijk blijft.Daarom vindt voor het aantrekken van een galerij van te voren altijd overleg plaats, waar het voetpad komt de luchtkokers en transportmiddel. Omhangen van de richting werkt fouten in de hand. 

 

Schetsen.

1. Duidelijk en overzichtelijk

2. Georiënteerd (front,toe-afvoer)

3. Zo goed mogelijk op schaal

4. Maten juist en duidelijk intekenen volgens de voorgeschreven methoden.

5 Altijd voorzien van details en doorsneden

6. Datum en plaatsaanduiding

7. Tekenen in juiste richting

8. Zacht potlood gebruiken. Inkt gaat op papier doorlopen bij vocht

9. Controleren op volledigheid

 

Lampseinen mijnmeters ondergronds

Korte rukjes met lamp naar rechts     = de richting iets naar rechts hangen

Korte rukjes naar links                       = de richtg iets naar links hangen

Verticaal op en neer (snel)                 = de richting hangt juist

Verticaal op en neer langzaam           = klaar

Cirkel beschrijven                              = even naar degene lopen die seint

 

Moetlijn hangen                                 = hoogtepunt

korte rukjes naar boven                      = hoger hangen

korte rukjes naar beneden                  = lager hangen

Op en en neer                                     = punt hangt goed.

Om te kunnen zien of je de goede lamp in richt, doet de hoofdmeter snelle verticale bewegingen.

De helper seint ook zo terug.

 

 

 

Wordt vervolgd

 

 

Bovengronds (nu is het natuurlijk moderner)          Voor meer informatie klik op     landmeten

Bovengronds werken kan men onderverdelen als volgt

1.de jaarlijkse hoofdwaterpassing over het hele concessieveld (vergunning), om het verloop van mijnverzakkingen vast te leggen.

2. het meten van de waarnemingslijnen

a. waterpassingen

b.lengtemetingen

c. scheefstellingen, dit is om in een gebied het verloop van de bewegingen vast te leggen.

3.opnemen van de situatie

a. wegen,gebouwen enzovoorts

tachymetreren van terreinen enz

 

De volgende instrumenten en hulpmiddelen gebruiken wij

Waterpasinstrument met baken, voetjes en jalons

Meetband met krachtmeter en thermometer en duimstok

Theodoliet met meetband, 4 meterbaak en jalons (rood-witte stokken) met 3 pootjes

 

Verder: bouten om in huizen en gebouwen aan te brengen

Bodempunten en pinnen worden in de weg,vloer en pilaarpunten in kerken.geslagen

Piketpaaltjes bij meten van terreinen en beken.

 

Er moet wel toestemming worden verkregen om de gebieden te mogen betreden en ook om de attributen te mogen aanbrengen.

Je bent tenslotte met en andermans goed bezig.

Men vertegenwoordigt de mijn en de opstelling moet correct zijn.

 

Veiligheid.

In verband met het verkeer zo kort mogelijk langs de kant van de weg opstellen met baak en instrument.

Op het mijnspoor extra uitkijken

Er zijn ook spiegels in omloop die aan de baak kunnen worden vastgemaakt zodat de trein achter je in de gaten kan worden gehouden.

Als de trein op 500 meter afstand is moet het spoor zijn verlaten.

Dit is vastgesteld door de spoorwegen.

Dan de weersomstandigheden (regen, hagel,mist, sneeuw en laagstaande zon) spelen een heel grote rol

Die beïnvloeden het slechte uitzicht

 

Equerre

Instrument voor het uitzetten van hoeken van 90 en 45 graden of veelvouden daar van. Kan geplaatst worden op een stok of jalon.

Het voorwerp in kwestie wordt door de landmeter gebruikt om hoeken te meten. De correcte benaming is een landmeterskruis of trommelkruis. Het kan ook gebruikt worden in de mijnbouw.

 

P1010036P1010038P1010039